HR 23 januari 2007, ECLI:NL:HR:2007:AZ3592

HR herhaalt toepasselijke overwegingen uit HR NJ 1995, 253. Ter terechtzitting in appel is door verdachte gesteld dat aan haar door een medewerker van de griffie van het kantongerecht telefonisch is toegezegd dat haar schriftelijk ingediende aanhoudingsverzoek door de kantonrechter zou worden gehonoreerd, en is op grond daarvan aangevoerd dat zij erop mocht vertrouwen dat nog geen uitspraak zou worden gedaan. Dat verweer is door het Hof onbesproken gelaten. Dat brengt mee dat de bestreden uitspraak ontoereikend is gemotiveerd.

De uitspraak op rechtspraak.nl