Conclusie A-G Bleichrodt 19 november 2019, ECLI:NL:PHR:2019:1172

Conclusie AG. Profijtontneming, toepassing van art. 36e.8 (oud) Sr (inmiddels art. 36e.9 Sr). Klacht dat het hof in strijd met art. 36e.8 (oud) Sr de aan de benadeelde partij bij onherroepelijk vonnis in rechte toegekende vordering niet in mindering heeft gebracht op de schatting van de omvang van het wederrechtelijk verkregen voordeel. De AG gaat in op de vraag of de in art. 36e.8 (oud) Sr opgenomen verplichting ook geldt als ter berekening van het wederrechtelijk verkregen voordeel een abstracte berekeningsmethode is gehanteerd, maar in de ontnemingsuitspraak ook wordt gewezen op concrete strafbare feiten die tot voordeel voor de betrokkene hebben geleid en ter zake van die concrete feiten in de hoofdzaak een vordering van de benadeelde partij in rechte is toegekend. De conclusie strekt tot verwerping van het beroep.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken