Conclusie A-G Bleichrodt 12 november 2013, ECLI:NL:PHR:2013:2268

Overschrijding redelijke termijn. ’s Hofs oordeel dat geen sprake is van overschrijding van de redelijke termijn in e.a. is niet begrijpelijk, in aanmerking genomen dat verdachte op 26 juli 2006 in verzekering is gesteld en tussen die datum en 16 september 2009 (datum vonnis), meer dan drie jaren zijn verstreken. Daarvan uitgaande, is ’s Hofs oordeel dat gelet op de totale duur van de procedure in twee instanties en de geringe overschrijding van de redelijke termijn in de fase van h.b. tussen de datum waarop de Rb. vonnis heeft gewezen en 20 oktober 2011 (datum arrest), geen grond bestaat voor strafvermindering wegens overschrijding van de redelijke termijn in beide instanties evenmin begrijpelijk.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken