HR 8 november 2016, ECLI:NL:HR:2016:2537

Beklag. Beslag onder verschoningsgerechtigde (advocaat). Het middel kan niet tot cassatie leiden v.zv. het klaagt over de n-o verklaring van het beklag tegen de inbeslagneming van de al teruggegeven gegevensdragers (o.m. een computer). V.zv. de middelen klagen over de n-o verklaring van het klaagschrift m.b.t. de daarvan gekopieerde gegevens (zgn. images) , zijn ze terecht voorgesteld. Ex art. 125i Sv, waarin art. 98 Sv van overeenkomstige toepassing is verklaard, kunnen bij een doorzoeking aangetroffen gegevens die op een gegevensdrager zijn opgeslagen, worden vastgelegd in het belang van het onderzoek. Bij vastlegging van gegevens moet het verschoningsrecht worden gerespecteerd. Overeenkomstige toepassing van art. 98 Sv brengt mee dat het eerst aan de R-C is om te beslissen over het beroep op het verschoningsrecht. Ex art. 98.4 Sv kan de verschoningsgerechtigde tegen de beschikking van de R-C een klaagschrift ex art. 552a Sv indienen bij de Rb. Nu de Rb heeft vastgesteld dat klager zich op zijn verschoningsrecht heeft beroepen en dat de R-C daaromtrent (nog) niet heeft beslist, had de Rb klager niet n-o dienen te verklaren, maar de behandeling van het klaagschrift dienen aan te houden en de stukken in handen van de R-C moeten stellen teneinde een beschikking te geven a.b.i. art. 98.1 Sv.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken