Hof 's-Hertogenbosch 9 december 2024, ECLI:NL:GHSHE:2024:3887
Het hof veroordeelt de verdachte wegens gekwalificeerde poging tot diefstal, wederrechtelijke vrijheidsberoving en onttrekking van een lijk aan de nasporing tot een gevangenisstraf voor de duur van 11 jaar met aftrek van voorarrest. Nadat het slachtoffer op gruwelijke wijze was gestorven, hebben de verdachten op gruwelijke wijze het lichaam in stukken gezaagd, lichaamsdelen in een olievat verbrand en de daarna overgebleven restanten van het lichaam in een speciekuip met cement gestort, om die kuip daarna in een kanaal te dumpen Het beroep op psychische overmacht is verworpen. Het hof volgt de vordering van de advocaat-generaal strekkende tot oplegging van een tbs-maatregel niet, nu niet aan alle vereisten voor het kunnen opleggen van een dergelijke maatregel is voldaan.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- HR 23 april 2024, ECLI:NL:HR:2024:646
- HR 28 mei 2019, ECLI:NL:HR:2019:793
- HR 20 februari 2018, ECLI:NL:HR:2018:233
- HR 5 juli 2016, ECLI:NL:HR:2016:1316
- HR 5 juli 2016, ECLI:NL:HR:2016:1323
- HR 2 december 2014, ECLI:NL:HR:2014:3474
- HR 9 oktober 2012, ECLI:NL:HR:2012:BX6734
- HR 27 maart 2012, ECLI:NL:HR:2012:BT6397
- HR 6 december 2011, ECLI:NL:HR:2011:BR1146
- HR 20 september 2005, ECLI:NL:HR:2005:AT8303
- HR 30 november 2004, ECLI:NL:HR:2004:AR2067
- HR 10 januari 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF0690
- HR 20 maart 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB0607
- HR 12 november 1985, ECLI:NL:HR:1985:AC2712
- HR 12 september 1978, ECLI:NL:HR:1978:AC2616