Art. 7.7.15 Wetboek van Strafvordering

Wetboek van Strafvordering

1. De rechtbank kan bevelen dat de veroordeelde wordt teruggeplaatst in een inrichting indien de veroordeelde een voorwaarde niet naleeft of niet heeft nageleefd tijdens de voorwaardelijke beëindiging van de maatregel van plaatsing in een inrichting voor jeugdigen.

2. De rechtbank bepaalt de duur van de terugplaatsing. Deze kan de duur van de voorwaardelijke beëindiging niet overschrijden en bedraagt ten hoogste een jaar. Bij herhaalde terugplaatsing kan de totale duur van de terugplaatsingen de maximale duur van een jaar niet overstijgen.

3. Artikel 7.7.11 is van overeenkomstige toepassing.

Verwijst naar

Toelichting

Vorige artikelen

Volgende artikelen