Art. 27 Kaderverdrag van de Raad van Europa over artificiële intelligentie en de mensenrechten, de democratie en de rechtsstaat, Gevolgen van het verdrag
Kaderverdrag van de Raad van Europa over artificiële intelligentie en de mensenrechten, de democratie en de rechtsstaat
1. Indien twee of meer partijen reeds een akkoord of een verdrag over de in dit verdrag geregelde aangelegenheden hebben gesloten, of anderszins betrekkingen ten aanzien van dergelijke aangelegenheden hebben aangeknoopt, zijn zij ook gerechtigd dat akkoord of verdrag dienovereenkomstig toe te passen of die betrekkingen dienovereenkomstig te regelen, mits zij dit doen op een wijze die niet met het onderwerp en het doel van dit verdrag onverenigbaar is.
2. Partijen die lid zijn van de Europese Unie passen in hun wederzijdse betrekkingen de regels van de Europese Unie toe die op de binnen het toepassingsgebied van dit verdrag vallende aangelegenheden gelden, onverminderd het onderwerp en het doel van dit verdrag en onverminderd de volledige toepassing jegens andere partijen. Hetzelfde geldt voor andere partijen, voor zover zij door dergelijke regels gebonden zijn.
Vorige artikelen
- Artikel 22 Kaderverdrag van de Raad van Europa over artificiële intelligentie en de mensenrechten, de democratie en de rechtsstaat
- Artikel 23 Kaderverdrag van de Raad van Europa over artificiële intelligentie en de mensenrechten, de democratie en de rechtsstaat
- Artikel 24 Kaderverdrag van de Raad van Europa over artificiële intelligentie en de mensenrechten, de democratie en de rechtsstaat
- Artikel 25 Kaderverdrag van de Raad van Europa over artificiële intelligentie en de mensenrechten, de democratie en de rechtsstaat
- Artikel 26 Kaderverdrag van de Raad van Europa over artificiële intelligentie en de mensenrechten, de democratie en de rechtsstaat
Volgende artikelen
- Artikel 28 Kaderverdrag van de Raad van Europa over artificiële intelligentie en de mensenrechten, de democratie en de rechtsstaat
- Artikel 29 Kaderverdrag van de Raad van Europa over artificiële intelligentie en de mensenrechten, de democratie en de rechtsstaat
- Artikel 30 Kaderverdrag van de Raad van Europa over artificiële intelligentie en de mensenrechten, de democratie en de rechtsstaat
- Artikel 31 Kaderverdrag van de Raad van Europa over artificiële intelligentie en de mensenrechten, de democratie en de rechtsstaat
- Artikel 32 Kaderverdrag van de Raad van Europa over artificiële intelligentie en de mensenrechten, de democratie en de rechtsstaat