Art. 33 Verdrag betreffende uitkeringen bij invaliditeit en ouderdom en aan nagelaten betrekkingen, Gemeenschappelijke bepalingen
Verdrag betreffende uitkeringen bij invaliditeit en ouderdom en aan nagelaten betrekkingen
1. Ingeval een beschermde persoon gelijktijdig aanspraak kan of zou hebben kunnen maken op verschillende uitkeringen bij invaliditeit, bij ouderdom of aan nagelaten betrekkingen, kunnen deze uitkeringen onder voorgeschreven voorwaarden en binnen voorgeschreven grenzen worden verminderd. De beschermde persoon moet echter in totaal een bedrag ontvangen dat ten minste gelijk is aan dat van de meest gunstige uitkering.
2. Ingeval een beschermde persoon aanspraak kan of zou hebben kunnen maken op een uitkering voorzien in dit Verdrag en, voor een zelfde eventualiteit, andere sociale verzekeringsuitkeringen in geld, met uitzondering van de kinderbijslag, ontvangt, kan de uitkering verschuldigd op grond van dit Verdrag onder voorgeschreven voorwaarden en binnen voorgeschreven grenzen worden verminderd of geschorst, met dien verstande dat het gedeelte van de uitkering dat wordt afgetrokken of geschorst het bedrag van de andere uitkeringen niet te boven gaat.
Vorige artikelen
- Artikel 28 Verdrag betreffende uitkeringen bij invaliditeit en ouderdom en aan nagelaten betrekkingen
- Artikel 29 Verdrag betreffende uitkeringen bij invaliditeit en ouderdom en aan nagelaten betrekkingen
- Artikel 30 Verdrag betreffende uitkeringen bij invaliditeit en ouderdom en aan nagelaten betrekkingen
- Artikel 31 Verdrag betreffende uitkeringen bij invaliditeit en ouderdom en aan nagelaten betrekkingen
- Artikel 32 Verdrag betreffende uitkeringen bij invaliditeit en ouderdom en aan nagelaten betrekkingen
Volgende artikelen
- Artikel 34 Verdrag betreffende uitkeringen bij invaliditeit en ouderdom en aan nagelaten betrekkingen
- Artikel 35 Verdrag betreffende uitkeringen bij invaliditeit en ouderdom en aan nagelaten betrekkingen
- Artikel 36 Verdrag betreffende uitkeringen bij invaliditeit en ouderdom en aan nagelaten betrekkingen
- Artikel 37 Verdrag betreffende uitkeringen bij invaliditeit en ouderdom en aan nagelaten betrekkingen
- Artikel 38 Verdrag betreffende uitkeringen bij invaliditeit en ouderdom en aan nagelaten betrekkingen