Art. 10 Verdrag tegen foltering en andere wrede, onmenselijke en onterende behandeling of bestraffing
Verdrag tegen foltering en andere wrede, onmenselijke en onterende behandeling of bestraffing
1. Iedere Staat die Partij is, draagt ervoor zorg dat onderricht en voorlichting betreffende het verbod van foltering volledig opgenomen worden in de opleiding van met de wetshandhaving belast burgerpersoneel en militair personeel, van medisch personeel, van overheidsfunctionarissen en van anderen die betrokken kunnen zijn bij de bewaking, ondervraging of behandeling van een persoon die enige vorm van arrestatie, hechtenis of gevangenhouding ondergaat.
2. Iedere Staat die Partij is, neemt dit verbod op in de voorschriften of instructies betreffende de taken en functies van zodanige personen.
Vorige artikelen
- Artikel 5 Verdrag tegen foltering en andere wrede, onmenselijke en onterende behandeling of bestraffing
- Artikel 6 Verdrag tegen foltering en andere wrede, onmenselijke en onterende behandeling of bestraffing
- Artikel 7 Verdrag tegen foltering en andere wrede, onmenselijke en onterende behandeling of bestraffing
- Artikel 8 Verdrag tegen foltering en andere wrede, onmenselijke en onterende behandeling of bestraffing
- Artikel 9 Verdrag tegen foltering en andere wrede, onmenselijke en onterende behandeling of bestraffing
Volgende artikelen
- Artikel 11 Verdrag tegen foltering en andere wrede, onmenselijke en onterende behandeling of bestraffing
- Artikel 12 Verdrag tegen foltering en andere wrede, onmenselijke en onterende behandeling of bestraffing
- Artikel 13 Verdrag tegen foltering en andere wrede, onmenselijke en onterende behandeling of bestraffing
- Artikel 14 Verdrag tegen foltering en andere wrede, onmenselijke en onterende behandeling of bestraffing
- Artikel 15 Verdrag tegen foltering en andere wrede, onmenselijke en onterende behandeling of bestraffing