Art. 22 VWEU, NON-DISCRIMINATIE EN BURGERSCHAP VAN DE UNIE
Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU)
1. Iedere burger van de Unie die verblijf houdt in een lidstaat waarvan hij geen onderdaan is, bezit het actief en passief kiesrecht bij gemeenteraadsverkiezingen in de lidstaat waar hij verblijft, onder dezelfde voorwaarden als de onderdanen van die staat. Dit recht wordt uitgeoefend onder voorbehoud van de door de Raad met eenparigheid van stemmen, volgens een bijzondere wetgevingsprocedure, en na raadpleging van het Europees Parlement vastgestelde nadere regelingen; deze nadere regelingen kunnen voorzien in afwijkingen wanneer zulks gerechtvaardigd wordt door bijzondere problemen in een lidstaat.
2. Onverminderd artikel 223, lid 1, en de bepalingen ter uitvoering daarvan, heeft iedere burger van de Unie die verblijft houdt in een lidstaat waarvan hij geen onderdaan is, het actief en passief kiesrecht bij de verkiezingen voor het Europees Parlement in de lidstaat waar hij verblijft, onder dezelfde voorwaarden als de onderdanen van die staat. Dit recht wordt uitgeoefend onder voorbehoud van de door de Raad met eenparigheid van stemmen, volgens een bijzondere wetgevingsprocedure, en na raadpleging van het Europees Parlement vastgestelde nadere regelingen; deze nadere regelingen kunnen voorzien in afwijkingen wanneer zulks gerechtvaardigd wordt door bijzondere problemen in een bepaalde lidstaat.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- ABRvS 24 april 2014, ECLI:NL:RVS:2014:1606
- ABRvS 22 juni 2011, ECLI:NL:RVS:2011:BQ8870
- ABRvS 17 oktober 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BY0349
- ABRvS 17 oktober 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BY0348
- Rb. 's-Gravenhage 17 november 2010, ECLI:NL:RBSGR:2010:BO6793
- Rb. Rotterdam 26 augustus 2015, ECLI:NL:RBROT:2015:6050
- Hof 's-Gravenhage 26 juni 2012, ECLI:NL:GHSGR:2012:BX0061