Art. 42 Wet op het accountantsberoep, Bepalingen betreffende accountants
1. Ten aanzien van de uitoefening van zijn beroep is de accountant onderworpen aan tuchtrechtspraak op grond van de Wet tuchtrechtspraak accountants ter zake van:
a. enig handelen of nalaten in strijd met het bij of krachtens deze wet bepaalde; en
b. enig ander dan in onderdeel a bedoeld handelen of nalaten in strijd met het belang van een goede uitoefening van het accountantsberoep.
2. De tuchtrechtspraak wordt uitgeoefend in eerste aanleg door de accountantskamer en in hoger beroep, tevens in hoogste ressort, door het College van Beroep voor het bedrijfsleven.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- CBb 16 juni 2016, ECLI:NL:CBB:2016:199
- Conclusie A-G de Bock 5 juli 2019, ECLI:NL:PHR:2019:809
- CBb 23 februari 2017, ECLI:NL:CBB:2017:63
- CBb 3 mei 2022, ECLI:NL:CBB:2022:211
- CBb 16 november 2017, ECLI:NL:CBB:2017:359
- CBb 22 maart 2022, ECLI:NL:CBB:2022:128
- CBb 13 september 2022, ECLI:NL:CBB:2022:612
- CBb 7 september 2021, ECLI:NL:CBB:2021:857
- CBb 18 juni 2019, ECLI:NL:CBB:2019:238
- CBb 9 februari 2017, ECLI:NL:CBB:2017:54
- CBb 16 november 2017, ECLI:NL:CBB:2017:360
- CBb 7 april 2026, ECLI:NL:CBB:2026:140
- CBb 15 december 2020, ECLI:NL:CBB:2020:989
- CBb 6 maart 2017, ECLI:NL:CBB:2017:79
- CBb 27 september 2017, ECLI:NL:CBB:2017:378
- CBb 13 oktober 2026, ECLI:NL:CBB:2026:490
- CBb 8 september 2026, ECLI:NL:CBB:2026:420
- CBb 20 april 2021, ECLI:NL:CBB:2021:431
- CBb 20 oktober 2020, ECLI:NL:CBB:2020:729
- CBb 7 april 2020, ECLI:NL:CBB:2020:234