Art. 3 Regeling aanwijzing bewerker en mandaat register beëdigde tolken en vertalers, Mandaat en machtiging raad
Regeling aanwijzing bewerker en mandaat register beëdigde tolken en vertalers
1. Aan de raad wordt mandaat en machtiging verleend ten aanzien van de aan de Minister toekomende bevoegdheden en handelingen betreffende de aangelegenheden, bedoeld in de Wet en het Besluit, met uitzondering van de bevoegdheden en handelingen, bedoeld in de artikelen 2, tweede lid, 4, vijfde lid, 16, vierde lid, 28, tweede lid, en 34 van de Wet en artikelen 7, vierde lid, 9 tweede lid en 12 van het Besluit. Aan de Raad wordt tevens mandaat verleend tot het vaststellen van beleidsregels met betrekking tot de hiervoor verleende bevoegdheden.
2. Het krachtens het eerste lid verleende mandaat en de machtiging kunnen verder worden doorgegeven aan onder de raad ressorterende functionarissen.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- ABRvS 13 juli 2022, ECLI:NL:RVS:2022:1972
- ABRvS 7 september 2011, ECLI:NL:RVS:2011:BR6900
- Rb. 's-Hertogenbosch 8 april 2011, ECLI:NL:RBSHE:2011:BQ1323
- Rb. 's-Hertogenbosch 14 april 2010, ECLI:NL:RBSHE:2010:BM8170
- Rb. 's-Hertogenbosch 14 april 2010, ECLI:NL:RBSHE:2010:BM8166
- Rb. 's-Hertogenbosch 14 april 2010, ECLI:NL:RBSHE:2010:BM8136
- Rb. 's-Hertogenbosch 14 april 2010, ECLI:NL:RBSHE:2010:BM8133
- Rb. Dordrecht 2 juli 2010, ECLI:NL:RBDOR:2010:BN1667
- Rb. Amsterdam 4 juli 2012, ECLI:NL:RBAMS:2012:BX2100
- Rb. Almelo 10 januari 2011, ECLI:NL:RBALM:2011:BP0816