Rb. 's-Hertogenbosch 8 april 2011, ECLI:NL:RBSHE:2011:BQ1323

In het bestreden besluit niet is vermeld dat de Raad voor Rechtsbijstand door verweerder gemandateerd is om de bevoegdheid van verweerder uit te oefenen. Dit is strijdig met het bepaalde in artikel 10:10 van de Awb. Deze strijdigheid leidt niet tot vernietiging van het bestreden besluit. Gelet op het samenstel van de relevante regelgeving kan het niet anders dan dat de Raad voor Rechtsbijstand de bevoegdheid tot het nemen van een beslissing in dezen krachtens mandaat van verweerder heeft uitgeoefend. Eiser is niet in zijn belangen geschaad door het feit dat het bestreden besluit van deze mandatering geen melding maakt. De rechtbank passeert de schending van dit vormvoorschrift met toepassing van artikel 6:22 van de Awb. De rechtbank volgt verweerder niet in zijn standpunt dat de bevoegdheid van de Raad voor Rechtsbijstand tot het opstellen van beleidsregels lag besloten in de mandatering van de bevoegdheden op grond van de Wbtv, zoals die ten tijde van het bestreden besluit was voorzien in de Regeling aanwijzing bewerker en mandaat register beëdigde tolken en vertalers. Indien een specifieke bevoegdheid wordt gemandateerd, dan dient dit expliciet te zijn bepaald. Dit volgt uit de wetsgeschiedenis. Ten aanzien van de bevoegdheid om beleidsregels op te stellen is van een dergelijke expliciete bepaling ten tijde van het bestreden besluit geen sprake geweest. Dit leidt tot de conclusie dat de Raad voor Rechtsbijstand ten tijde van het bestreden besluit geen bevoegdheid gemandateerd had gekregen om beleidsregels op te stellen. Het bestreden besluit, dat mede op deze beleidsregels is gebaseerd, ontbeert aldus een deugdelijke motivering en komt mitsdien voor vernietiging in aanmerking. De Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie heeft uitgevaardigd de Regeling van de Staatsecretaris van Veiligheid en Justitie van 13 januari 2011, nr. 5682657/11, tot wijziging van de Regeling houdende aanwijzing tot bewerker en verlening van mandaat en machtiging van de Minister van Justitie aan de raad voor de rechtsbijstand te ’s-Hertogenbosch betreffende het register beëdigde tolken en vertalers (Stcrt. 2011, 1030). Door middel van deze regeling is met terugwerkende kracht tot en met 1 januari 2009 aan de Raad voor Rechtsbijstand mandaat verleend tot het vaststellen van beleidsregels met betrekking tot de beslissingsbevoegdheden van de Raad voor Rechtsbijstand namens verweerder op basis van de Wbtv. Naar het oordeel van de rechtbank heelt de enkele mandatering met terugwerkende kracht van de bevoegdheid tot het opstellen van beleidsregels het geconstateerde gebrek niet. Het betreft hier immers een bevoegdheid waarvan de toepassing heeft geleid tot een belastende, want negatieve, beschikking voor eiser. Acceptatie van deze mandatering met terugwerkende kracht zou strijdig zijn met het legaliteitsbeginsel. Tevens heeft de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie uitgevaardigd het Besluit d.d. 13 januari 2011, nr. 5682659/11, bekrachtiging beleidsregels van de raad voor de Rechtsbijstand te ’s-Hertogenbosch inzake de uitvoering van de Wet en het Besluit beëdigde tolken en vertalers (Stcrt. 2011, 1030). Door middel van dit besluit heeft verweerder de beleidsregels die de Raad voor Rechtsbijstand in het kader van de taken die uit de Wbtv voortvloeien bekrachtigd. Ook de bekrachtiging achteraf door verweerder van de beleidsregels die door de Raad voor Rechtsbijstand zijn opgesteld, heelt niet het bevoegdheidsgebrek van de Raad voor Rechtsbijstand tot het opstellen van die beleidsregels. Wel is de rechtbank van oordeel dat de Raad voor Rechtsbijstand ter uitoefening van zijn beslissingsbevoegdheid op grond van de Wbtv beleidsregels nodig heeft. In de bekrachtiging door verweerder van de door de Raad voor Rechtsbijstand opgestelde beleidsregels ziet de rechtbank aanleiding om te beoordelen of de rechtsgevolgen van het te vernietigen besluit in stand kunnen blijven.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen