Art. 34 Wib, Bestuurlijke boete
De bestuurlijke boete kan niet hoger zijn dan:
a. € 340 voor het niet naleven van artikel 7a, eerste lid;
b. € 340 voor het niet afronden van het participatieverklaringstraject, bedoeld in artikel 7, tweede lid, onderdeel a, binnen de bij of krachtens de artikelen 29 en 30 gestelde termijnen;
c. € 1.250 voor het niet naleven van artikel 7b, eerste lid;
d. € 1.250 voor het niet behalen van de onderdelen van het inburgeringsexamen, bedoeld in artikel 7, tweede lid, onderdelen b en c, binnen de bij of krachtens de artikelen 32 en 33 gestelde termijnen.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- ABRvS 30 augustus 2023, ECLI:NL:RVS:2023:3291
- Rb. Zeeland-West-Brabant 13 mei 2022, ECLI:NL:RBZWB:2022:2669
- Rb. Zeeland-West-Brabant 20 september 2021, ECLI:NL:RBZWB:2021:4700
- Rb. Zeeland-West-Brabant 19 augustus 2021, ECLI:NL:RBZWB:2021:4373
- Rb. Rotterdam 24 mei 2017, ECLI:NL:RBROT:2017:4100
- Rb. Roermond 15 oktober 2010, ECLI:NL:RBROE:2010:BO1206
- Rb. Overijssel 23 augustus 2022, ECLI:NL:RBOVE:2022:2413
- Rb. Overijssel 22 november 2017, ECLI:NL:RBOVE:2017:4378
- Rb. Overijssel 26 juli 2017, ECLI:NL:RBOVE:2017:3010
- Rb. Midden-Nederland 13 juli 2021, ECLI:NL:RBMNE:2021:3447
- Rb. Gelderland 10 juni 2021, ECLI:NL:RBGEL:2021:2911
- Rb. Den Haag 23 april 2021, ECLI:NL:RBDHA:2021:4443
- Rb. Den Haag 23 maart 2020, ECLI:NL:RBDHA:2020:3585
- Rb. Den Haag 5 april 2018, ECLI:NL:RBDHA:2018:4292