Art. 3 Warenwetbesluit Vruchtensappen, Bereiding, samenstelling en kenmerken

Warenwetbesluit Vruchtensappen

Bij de bereiding van de krachtens § 3 aangeduide eet- en drinkwaren wordt uitsluitend gebruik gemaakt van één of meer van de volgende grondstoffen, met inachtneming van de daarbij vermelde voorschriften:

a. vruchten;

b. vruchtenmoes;

c. geconcentreerd vruchtenmoes;

d. suikers, met dien verstande dat:

1° van vruchten afkomstige suikers slechts gebruikt worden voor de bereiding van vruchtennectar;

2° de in artikel 1, onder d, 1° en 2°, bedoelde suikers die worden gebruikt voor de bereiding van vruchtensappen, minder dan 2% water bevatten;

e. honing;

f. pulp of cellen.