Art. 4.53 Wet IB 2001, Omzetting verlies bij einde aanmerkelijk belang in een belastingkorting
Wet inkomstenbelasting 2001 (Wet IB 2001)
1. Indien de belastingplichtige en zijn partner in het kalenderjaar en het daaraan voorafgaande kalenderjaar geen aanmerkelijk belang hebben, wordt een nog niet verrekend verlies uit aanmerkelijk belang op verzoek van de belastingplichtige omgezet in een belastingkorting voor verlies uit aanmerkelijk belang. Ingeval de belastingplichtige geen partner heeft en in het kalenderjaar is overleden, geldt in afwijking van de eerste volzin slechts als voorwaarde voor het indienen van een verzoek tot omzetting van een nog niet verrekend verlies uit aanmerkelijk belang in een belastingkorting, dat de belastingplichtige ten tijde van het overlijden geen aanmerkelijk belang heeft.
2. De belastingkorting bedraagt het in de eerste regel van de vierde kolom van de tabel in artikel 2.12 opgenomen percentage van het nog niet verrekende verlies.
3. De inspecteur stelt het bedrag van de belastingkorting vast bij voor bezwaar vatbare beschikking. Artikel 4.50, vierde, vijfde en zesde lid, is van overeenkomstige toepassing.
4. De belastingkorting voor verlies uit aanmerkelijk belang vermindert de belasting op het belastbare inkomen uit werk en woning van het in het eerste lid, eerste volzin, eerstbedoelde kalenderjaar en de zeven daarop volgende jaren, maar uiterlijk van het negende jaar volgend op het jaar waarin het verlies is geleden. Indien het eerste lid, tweede volzin, toepassing vindt, vermindert de belastingkorting voor verlies uit aanmerkelijk belang de belasting op het belastbare inkomen uit werk en woning van het kalenderjaar van overlijden.
5. De belastingkorting voor verlies uit aanmerkelijk belang voorzover deze is voortgevloeid uit de toerekening van gemeenschappelijke inkomensbestanddelen aan de belastingplichtige en niet kan worden verrekend met de belasting op het belastbare inkomen uit werk en woning van de jaren waarin de belastingplichtige een partner heeft, wordt ingeval het partnerschap door het overlijden van de belastingplichtige eindigt, aangemerkt als belastingkorting voor verlies uit aanmerkelijk belang van de partner mits zowel de belastingplichtige als zijn partner op het tijdstip van het eindigen van het partnerschap binnenlandse belastingplichtige of kwalificerende buitenlandse belastingplichtige als bedoeld in artikel 7.8 was.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Hof 's-Hertogenbosch 3 juni 2021, ECLI:NL:GHSHE:2021:1678
- Hof 's-Gravenhage 21 oktober 2010, ECLI:NL:GHSGR:2010:BO1942
- Hof Arnhem-Leeuwarden 11 juli 2023, ECLI:NL:GHARL:2023:5916
- Rb. Noord-Nederland 15 juni 2021, ECLI:NL:RBNNE:2021:2400
- Rb. Arnhem 26 september 2008, ECLI:NL:RBARN:2008:BF9690
- Conclusie A-G Niessen 16 februari 2017, ECLI:NL:PHR:2017:130
- Conclusie A-G OVERGAAUW 7 december 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA9339
- HR 18 augustus 2023, ECLI:NL:HR:2023:1092
- Hof Arnhem 7 mei 2009, ECLI:NL:GHARN:2009:BI5268
- Rb. Zeeland-West-Brabant 21 januari 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:224
- Rb. Zeeland-West-Brabant 19 juli 2022, ECLI:NL:RBZWB:2022:3949
- Rb. Zeeland-West-Brabant 6 februari 2015, ECLI:NL:RBZWB:2015:1475
- Rb. Rotterdam 23 januari 2019, ECLI:NL:RBROT:2019:945
- Rb. Noord-Nederland 29 oktober 2021, ECLI:NL:RBNNE:2021:4745
- Rb. Noord-Holland 26 augustus 2025, ECLI:NL:RBNHO:2025:16055
- Rb. Noord-Holland 30 juli 2019, ECLI:NL:RBNHO:2019:6418
- Rb. Haarlem 29 augustus 2012, ECLI:NL:RBHAA:2012:BX7205
- Rb. Gelderland 19 juni 2025, ECLI:NL:RBGEL:2025:4765
- Rb. Gelderland 19 januari 2024, ECLI:NL:RBGEL:2024:370
- Rb. Gelderland 31 maart 2016, ECLI:NL:RBGEL:2016:1772