Art. 11 Landbouwkwaliteitsregeling kaas, Kaas

Landbouwkwaliteitsregeling kaas

1. Bij de bereiding van kaas mogen hulpstoffen en eet- en drinkwaren overeenkomstig het bepaalde bij of krachtens de Warenwet worden toegevoegd.

2. In afwijking van het eerste lid worden, voor zover het cultures van micro-organismen betreft, slechts niet genetisch gemodificeerde cultures van melkzuurvormende, propionzuurvormende en aromavormende micro-organismen toegevoegd.

3. In afwijking van het eerste lid mag, voor wat betreft stremsel bij de bereiding van kaas, slechts stremsel als bedoeld in artikel 5, eerste lid, van het Warenwetbesluit Zuivel worden toegevoegd.