Art. 7 Warenwetregeling Hygiëne van levensmiddelen, Algemene voorschriften voor bedrijfsruimten

Warenwetregeling Hygiëne van levensmiddelen

Bedrijfsruimten zijn zodanig gebouwd en ingericht dat:

a. zij goed kunnen worden schoongemaakt en, indien noodzakelijk, gedesinfecteerd;

b. voorkómen worden:

1º ophoping van vuil;

2º contact met toxische materialen;

3º verontreiniging van eet- en drinkwaren met ongewenste deeltjes; en

4º vorming van condens of ongewenste schimmel op oppervlakten;

c. een hygiënische bereiding en behandeling van eet- en drinkwaren mogelijk is, onder andere door bescherming tegen wederzijdse besmetting tussen en tijdens processtappen door eet- of drinkwaren, uitrusting, materialen, water, luchttoevoer of personeel en externe bronnen van verontreiniging zoals ongedierte;

d. eet- en drinkwaren kunnen worden bereid, behandeld en bewaard bij de ter zake voorgeschreven temperaturen.