Art. 31 Wet BOPZ, Inbewaringstelling en machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling
Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen (Wet BOPZ)
1. Met betrekking tot een persoon die ingevolge een machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling als bedoeld in artikel 27, eerste lid, in een ziekenhuis verblijft, zijn de artikelen 2, 3, 4, 6, eerste, tweede en derde lid, 8 tot en met 13, 14a tot en met 14c en 16 van overeenkomstige toepassing.
2. Het verzoekschrift wordt door de officier van justitie ingediend voor het einde van de geldigheidsduur van de lopende machtiging.