Art. 4:22 BW, Het erfrecht bij versterf van de niet van tafel en bed gescheiden echtgenoot en van de kinderen
Indien een kind overeenkomstig artikel 13 lid 3 een geldvordering op zijn stiefouder ter zake van de nalatenschap van zijn overleden ouder heeft verkregen, en de stiefouder is overleden, zijn diens erfgenamen verplicht aan het kind op diens verzoek goederen over te dragen met een waarde van ten hoogste die geldvordering, vermeerderd met de in lid 4 van dat artikel bedoelde verhoging.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- HR 8 februari 2013, ECLI:NL:HR:2013:BY2595
- Hof Arnhem-Leeuwarden 21 april 2020, ECLI:NL:GHARL:2020:3273
- Rb. Rotterdam 1 maart 2023, ECLI:NL:RBROT:2023:5404
- Rb. Den Haag 23 september 2015, ECLI:NL:RBDHA:2015:11176
- Rb. Amsterdam 4 februari 2009, ECLI:NL:RBAMS:2009:BI2605
- Conclusie A-G De Vries Lentsch-Kostense 8 februari 2013, ECLI:NL:PHR:2013:BY2595
- Hof Den Haag 28 oktober 2014, ECLI:NL:GHDHA:2014:3858
- Hof Arnhem-Leeuwarden 5 november 2019, ECLI:NL:GHARL:2019:9522