Rb. Amsterdam 4 februari 2009, ECLI:NL:RBAMS:2009:BI2605
geen exclusieve werking 3:194 t.o.v. 6:162 BW, cumulatie, onverdeelde bate nalatenschap, omvang van de schade, verjaring, bewijsopdracht, uitsluiting niet van toepassing zijnde wilsrechten, uitleg uiterste wilsbeschikking. Het verweer van gedaagde in conventie dat de rechtsgevolgen van de artikelen 3:194 BW en 6:162 BW met betrekking tot hetzelfde feitencomplex niet naast elkaar kunnen worden ingeroepen, faalt. Immers, niet valt in te zien op welke grond hier afgeweken zou moeten worden van het algemeen geldende uitgangspunt dat, indien verschillende bepalingen voor toepassing op één feitencomplex in aanmerking komen en cumulatie niet mogelijk is, aan de gerechtigde de keuze is welke rechtsgevolgen hij wenst in te roepen of op welke rechtsgrond hij zich wenst te baseren. Het feit dat de tegoeden in Canada niet in de akte van scheiding en deling zijn opgenomen is op zichzelf onvoldoende om aan te nemen dat erflater deze tegoeden opzettelijk heeft verzwegen. De rechtbank zal gedaagde in conventie bij hierna in het dictum nader te noemen akte in de gelegenheid stellen zich uit te laten of en zo ja op welke wijze zij bewijs wenst te leveren van feiten en omstandigheden waaruit kan worden afgeleid dat reeds 5 jaren zijn verstreken sinds eisers in conventie hebben vernomen van de onverdeelde tegoeden in Canada. Uitgangspunt bij de beantwoording van de vraag of de bewoordingen van een uiterste wil duidelijk zijn, dat wil zeggen als verklaring van hetgeen de erflater wil dat na zijn dood met zijn vermogen zal geschieden, dient op grond van het bepaalde in artikel 4:46 BW te worden gelet op de verhoudingen die de erflater bij de beschikking kennelijk heeft willen regelen en op de omstandigheden waaronder deze is gemaakt. Een vergissing in de redactie van het testament kan tot gevolg hebben dat op enig punt de bewoordingen, op zich zelf dan wel in verband met hetgeen het testament overigens inhoudt, gelet op de door erflater gewenste verhoudingen en omstandigheden waaronder deze is gemaakt, geen duidelijke zin hebben
De uitspraak op rechtspraak.nl