Art. 212 Mijnreglement 1964, De luchtverversing in de ondergrondse werken

Mijnreglement 1964

1. Inrichtingen, welke dienen om secundaire luchtverversing op een plaats tot stand te brengen of de luchtstroom te versterken, moeten zodanig zijn geconstrueerd en aangebracht, dat de op die plaats gebruikte en daarvan afgevoerde lucht niet nogmaals voor luchtverversing daarheen kan worden gevoerd.

2. Onze Minister kan van het in het eerste lid bepaalde ontheffing verlenen.