Art. 25 Pachtwet, De overige rechten en verplichtingen uit de pachtovereenkomst voortvloeiende

Pachtwet

1. De pachter is gehouden het gepachte als een goed pachter te gebruiken en al datgene te doen en na te laten, wat een goed pachter in gelijke omstandigheden zou doen en nalaten.

2. Hij is gehouden het gepachte bij het einde van de pachtovereenkomst in goede staat aan de verpachter op te leveren.

Uitspraken die dit artikel aanhalen