Art. 10 Ambtenarenwet 2017, Verplichtingen van ambtenaren
1. De ambtenaar onthoudt zich van het openbaren van gedachten of gevoelens of van de uitoefening van het recht tot vereniging, tot vergadering en tot betoging, indien door de uitoefening van deze rechten de goede vervulling van zijn functie of de goede functionering van de openbare dienst, voor zover deze in verband staat met zijn functievervulling, niet in redelijkheid zou zijn verzekerd.
2. Het eerste lid is, voor wat betreft het recht van vereniging, niet van toepassing op het lidmaatschap van:
a. een politieke groepering waarvan de aanduiding is ingeschreven overeenkomstig de Kieswet;
b. een vakvereniging.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- CRvB 8 december 2022, ECLI:NL:CRVB:2022:2664
- ABRvS 13 augustus 2025, ECLI:NL:RVS:2025:3872
- Rb. Den Haag 28 juni 2022, ECLI:NL:RBDHA:2022:6162
- CRvB 19 februari 2025, ECLI:NL:CRVB:2025:179
- Rb. Zeeland-West-Brabant 14 juni 2022, ECLI:NL:RBZWB:2022:8644
- Rb. Limburg 24 april 2025, ECLI:NL:RBLIM:2025:3871
- Rb. Limburg 13 oktober 2023, ECLI:NL:RBLIM:2023:5863
- Rb. Limburg 13 oktober 2023, ECLI:NL:RBLIM:2023:5862
- Rb. Limburg 13 oktober 2023, ECLI:NL:RBLIM:2023:5861
- Rb. Limburg 13 oktober 2023, ECLI:NL:RBLIM:2023:5860
- Rb. Limburg 13 oktober 2023, ECLI:NL:RBLIM:2023:5859
- Rb. Gelderland 1 mei 2026, ECLI:NL:RBGEL:2026:3437
- Rb. Gelderland 17 juli 2020, ECLI:NL:RBGEL:2020:3599
- Rb. Den Haag 22 december 2021, ECLI:NL:RBDHA:2021:14057