Rb. Gelderland 1 mei 2026, ECLI:NL:RBGEL:2026:3437

Beroep tegen de door de korpschef aan eiser opgelegde straf van (primair) onvoorwaardelijk ontslag en (subsidiair) ongeschiktheidsontslag is gegrond. De rechtbank is van oordeel dat één van de door de korpschef aan eiser verweten plichtsverzuimen niet als plichtsverzuim kan worden aangemerkt. De straf van (primair) onvoorwaardelijk ontslag is onevenredig aan de door eiser gepleegde plichtsverzuimen. Ten aanzien van de straf van (subsidiair) ongeschiktheidsontslag is de rechtbank van oordeel dat de korpschef onvoldoende heeft gemotiveerd waarom eiser geen verbetertraject is aangeboden.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken