Art. 126ud Sv, Bijzondere bevoegdheden tot opsporing voor het onderzoek naar het beramen of plegen van ernstige misdrijven in georganiseerd verband
Wetboek van Strafvordering (Sv)
1. In een geval als bedoeld in artikel 126o, eerste lid, kan de officier van justitie in het belang van het onderzoek van degene van wie redelijkerwijs kan worden vermoed dat hij toegang heeft tot bepaalde opgeslagen of vastgelegde gegevens, vorderen deze gegevens te verstrekken.
2. Artikel 126nd, tweede tot en met vierde en zevende lid, is van overeenkomstige toepassing. Indien de vordering, bedoeld in het eerste lid, betrekking heeft op een persoon die aanspraak kan maken op bronbescherming, kan deze slechts worden gedaan na schriftelijke machtiging, op vordering van de officier van justitie te verlenen door de rechter-commissaris. Artikel 218a, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing.
3. De officier van justitie doet van de verstrekking van gegevens proces-verbaal opmaken, waarin worden vermeld:
a. de gegevens, bedoeld in artikel 126nd, derde lid;
b. de verstrekte gegevens;
c. een omschrijving van het georganiseerd verband;
d. de feiten of omstandigheden waaruit blijkt dat de voorwaarden, bedoeld in het eerste lid, zijn vervuld;
e. de reden waarom de gegevens in het belang van het onderzoek worden gevorderd.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- CBb 3 mei 2022, ECLI:NL:CBB:2022:211
- Conclusie A-G Knigge 31 januari 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BT7126
- Rb. Rotterdam 2 februari 2024, ECLI:NL:RBROT:2024:844
- Rb. 's-Hertogenbosch 18 juli 2012, ECLI:NL:RBSHE:2012:BX1716
- Rb. Midden-Nederland 5 april 2018, ECLI:NL:RBMNE:2018:1416
- Rb. Gelderland 24 april 2013, ECLI:NL:RBGEL:2013:BZ8360
- Rb. Amsterdam 27 februari 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:2157
- Conclusie A-G Frielink 14 oktober 2025, ECLI:NL:PHR:2025:1121
- Conclusie A-G Vegter 13 november 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BX8079
- Hof 's-Hertogenbosch 13 juli 2023, ECLI:NL:GHSHE:2023:2347