Art. 14 Fw, Van de faillietverklaring
1. Het vonnis van faillietverklaring houdt in de benoeming van een of meer leden van de rechtbank tot rechter-commissaris in het faillissement, en de aanstelling van een of meer curators. De rechter die de faillietverklaring uitspreekt, geeft in de uitspraak tevens last aan de curator tot het openen van aan de gefailleerde gerichte brieven en telegrammen. De rechtbank vermeldt op het vonnis het tijdstip van de faillietverklaring tot op de minuut nauwkeurig.
2. Van de faillietverklaring wordt door de griffier onverwijld kennis gegeven aan het postvervoerbedrijf of de postvervoerbedrijven die zijn aangewezen als verlener van de universele postdienst, alsmede de andere geregistreerde postvervoerbedrijven, bedoeld in de Postwet 2009. In de kennisgeving wordt melding gemaakt van de in het vorige lid bedoelde last.
3. Een uittreksel uit het vonnis van faillietverklaring, houdende vermelding van de naam, de woonplaats of het kantoor en het beroep van de gefailleerde, van de naam van de rechter-commissaris, van de naam en de woonplaats of het kantoor des curators, van de dag der uitspraak, alsmede van de naam, het beroep en de woonplaats of het kantoor van ieder lid der voorlopige commissie uit de schuldeisers, zo er een benoemd is, wordt door de curator onverwijld geplaatst in de Nederlandsche Staatscourant.
4. Op verzoek van een insolventiefunctionaris of een schuldenaar als bedoeld in artikel 2, onder 3 en 5, van de in artikel 5, derde lid, genoemde verordening geeft de griffier van de rechtbank Den Haag onverwijld in de Staatscourant kennis van de in artikel 28 van die verordening bedoelde gegevens. Een zodanige kennisgeving vindt in elk geval plaats wanneer de schuldenaar in Nederland een vestiging heeft in de zin van artikel 2, onder 10, van de in de eerste zin bedoelde verordening. De gegevens, bedoeld in de eerste zin, worden aan de griffier verstrekt in de Nederlandse, Engelse, Duitse of Franse taal.
5. De rechtbank stelt op grond van het eerste lid een curator aan die adequaat is opgeleid en over de voor zijn taken vereiste deskundigheid beschikt. Bij de aanstelling:
a. houdt de rechtbank rekening met de specifieke kenmerken van de zaak, waaronder eventuele grensoverschrijdende elementen, en de ervaring en deskundigheid van de curator; en
b. hanteert de rechtbank een procedure en voorwaarden die duidelijk, transparant en rechtvaardig zijn.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- HR 5 maart 2021, ECLI:NL:HR:2021:351
- HR 26 februari 2010, ECLI:NL:HR:2010:BL5555
- Conclusie A-G Timmerman 7 maart 2014, ECLI:NL:PHR:2014:192
- Rb. Amsterdam 21 september 2021, ECLI:NL:RBAMS:2021:5549
- Conclusie A-G Assink 27 maart 2020, ECLI:NL:PHR:2020:391
- Rb. Utrecht 1 februari 2011, ECLI:NL:RBUTR:2011:BP5119
- Rb. Overijssel 3 augustus 2023, ECLI:NL:RBOVE:2023:3162
- Rb. Amsterdam 1 december 2008, ECLI:NL:RBAMS:2008:BG5727
- Conclusie A-G de Bock 18 juni 2021, ECLI:NL:PHR:2021:625
- Conclusie A-G Vlas 31 januari 2018, ECLI:NL:PHR:2018:74
- Conclusie A-G Timmerman 17 november 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1417
- Conclusie A-G Wesseling-van Gent 27 mei 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP8693
- Hof 's-Hertogenbosch 29 september 2016, ECLI:NL:GHSHE:2016:4313
- Hof Arnhem 6 februari 2007, ECLI:NL:GHARN:2007:AZ9951
- Rb. Zeeland-West-Brabant 12 mei 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:4255
- Rb. Zeeland-West-Brabant 31 maart 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:2691
- Rb. Zeeland-West-Brabant 14 november 2017, ECLI:NL:RBZWB:2017:8906
- Rb. Utrecht 22 juli 2008, ECLI:NL:RBUTR:2008:BD8751
- Rb. Utrecht 17 november 2004, ECLI:NL:RBUTR:2004:AR6156
- Rb. Rotterdam 7 oktober 2008, ECLI:NL:RBROT:2008:BF7336