Hof Arnhem 6 februari 2007, ECLI:NL:GHARN:2007:AZ9951

De rechtbank heeft in het bestreden vonnis van 21 juli 2004 onder meer geoordeeld dat de beherend vennoot (Imogène BV) conform de op het arrest HR 4 januari 1937, NJ 1937, 586 gebaseerde ‘Erik Schaaper leer’ failliet is verklaard en niet de cv, en dat de curator overeenkomstig de bestaande praktijk heeft aangenomen dat de onderneming toebehoorde aan Imogène BV en dit vermogen heeft beheerd en vereffend en dus in dit opzicht niet onrechtmatig heeft gehandeld. [..] De kern van hetgeen partijen verdeeld houdt betreft de vraag of de curator onzorgvuldig jegens IAH (als stille vennoot) heeft gehandeld door haar geen mogelijkheid te bieden kennis te nemen van het faillissement van Imogène BV alvorens tot verkoop van de activa over te gaan, meer in het bijzonder door IAH niet in de gelegenheid te stellen een (met koper [D.] Advies BV) concurrerend voorstel te doen of anderszins in het kader van dit faillissement haar belangen te behartigen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen