Art. 98a Sr, Misdrijven tegen de veiligheid van de staat
1. Hij die een inlichting, een voorwerp of gegevens als bedoeld in artikel 98, hetzij opzettelijk openbaar maakt, hetzij zonder daartoe gerechtigd te zijn opzettelijk verstrekt aan of ter beschikking stelt van een buitenlandse mogendheid, een in het buitenland gevestigd persoon of lichaam, dan wel een zodanig persoon of lichaam dat gevaar ontstaat dat de inlichting of de gegevens aan een buitenlandse mogendheid of aan een in het buitenland gevestigd persoon of lichaam bekend wordt, wordt, indien hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat het een zodanige inlichting of zodanige gegevens betreft, gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren of geldboete van de vijfde categorie.
2. Indien de schuldige heeft gehandeld in tijd van oorlog dan wel in dienst of in opdracht van een buitenlandse mogendheid of van een in het buitenland gevestigd persoon of lichaam, kan levenslange gevangenisstraf of tijdelijke van ten hoogste dertig jaren of geldboete van de vijfde categorie worden opgelegd.
3. Handelingen gepleegd ter voorbereiding van een misdrijf als omschreven in de voorgaande leden worden gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren of geldboete van de vijfde categorie.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Conclusie A-G Spronken 16 september 2014, ECLI:NL:PHR:2014:1777
- Rb. 's-Gravenhage 22 oktober 2007, ECLI:NL:RBSGR:2007:BE9245
- Hof 's-Gravenhage 1 maart 2007, ECLI:NL:GHSGR:2007:AZ9644
- Rb. Den Haag 23 april 2013, ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ8217
- Rb. Amsterdam 23 juli 2009, ECLI:NL:RBAMS:2009:BJ3552
- Conclusie A-G Aben 16 september 2014, ECLI:NL:PHR:2014:1959
- Hof Den Haag 18 juli 2014, ECLI:NL:GHDHA:2014:2419
- Rb. 's-Gravenhage 14 december 2011, ECLI:NL:RBSGR:2011:BU7843
- Rb. 's-Gravenhage 31 maart 2011, ECLI:NL:RBSGR:2011:BR3566
- Rb. 's-Gravenhage 23 juli 2009, ECLI:NL:RBSGR:2009:BJ3535
- Rb. Rotterdam 11 maart 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:2400
- Rb. Rotterdam 14 december 2005, ECLI:NL:RBROT:2005:AU8207
- Rb. Rotterdam 15 april 2005, ECLI:NL:RBROT:2005:AT4031
- Conclusie A-G Paridaens 19 maart 2019, ECLI:NL:PHR:2019:257
- Conclusie A-G Vellinga 29 september 2015, ECLI:NL:PHR:2015:2502
- Conclusie A-G Spronken 9 september 2014, ECLI:NL:PHR:2014:3073
- HR 2 februari 2016, ECLI:NL:HR:2016:168
- Hof 's-Gravenhage 24 juni 2009, ECLI:NL:GHSGR:2009:BI9646
- Hof Den Haag 3 februari 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:171
- Hof Den Haag 25 april 2013, ECLI:NL:GHDHA:2013:BZ8627