Art. 283 Sr, Misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid
1. Hij aan wiens schuld te wijten is dat iemand wederrechtelijk van de vrijheid beroofd wordt of beroofd blijft, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zes maanden of geldboete van de tweede categorie.
2. Indien het feit zwaar lichamelijk letsel ten gevolge heeft, wordt de schuldige gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of geldboete van de derde categorie.
3. Indien het feit de dood ten gevolge heeft, wordt hij gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren of geldboete van de vierde categorie.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Rb. 's-Gravenhage 24 januari 2003, ECLI:NL:RBSGR:2003:AF7251
- Rb. Overijssel 18 juli 2024, ECLI:NL:RBOVE:2024:3822
- Rb. Midden-Nederland 17 oktober 2024, ECLI:NL:RBMNE:2024:5904
- Rb. Limburg 21 februari 2023, ECLI:NL:RBLIM:2023:1407
- Rb. Gelderland 23 april 2024, ECLI:NL:RBGEL:2024:2384
- Rb. Amsterdam 22 mei 2009, ECLI:NL:RBAMS:2009:BI7294
- Conclusie A-G Machielse 24 maart 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BH9032
- Hof Leeuwarden 10 mei 2005, ECLI:NL:GHLEE:2005:AT5309
- Hof Arnhem-Leeuwarden 14 oktober 2026, ECLI:NL:GHARL:2026:6540