Rb. Midden-Nederland 17 oktober 2024, ECLI:NL:RBMNE:2024:5904
Verdachte wordt veroordeeld voor culpoze wederechtelijke vrijheidsberoving. Het slachtoffer is door medeverdachte naar zijn woning gelokt en daar opzettelijk en wederrechtelijk van zijn vrijheid beroofd. Verdachte was in de woning aanwezig en heeft gehoord dat het slachtoffer door medeverdachte werd geslagen en heeft hem om hulp horen roepen. Ook is zij in de woning aanwezig geweest toen medeverdachte met een spijkerpistool op het slachtoffer schoot en dat spijkerpistool maakte veel lawaai. Verdachte wist dat het slachtoffer van zijn vrijheid werd beroofd en heeft aanmerkelijk onvoorzichtig gehandeld door na te laten hulp in te schakelen. Het verweer dat verdachte in bevroren toestand verkeerde en hierdoor niet anders had kunnen handelen, wordt verworpen. Uit het dossier blijkt dat verdachte wel degelijk tot een bepaald handelen in staat was en zij had ook voldoende tijd om hulp in te schakelen. Vrijspraak van de strafverzwarende omstandigheid dat het slachtoffer zwaar lichamelijk letsel heeft opgelopen, omdat het letsel van het slachtoffer niet aan de eisen voldoet die de Hoge Raad stelt aan die kwalificatie. Verdachte wordt veroordeeld tot een taakstraf van 80 uur.
De uitspraak op rechtspraak.nl