Art. 116 Sr, Misdrijven tegen hoofden van bevriende Staten en andere internationaal beschermde personen

Wetboek van Strafrecht (Sr)

Elke feitelijke aanranding van de persoon van een hoofd van een bevriende staat, die niet valt in een zwaardere strafbepaling, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren of geldboete van de vijfde categorie.

Uitspraken die dit artikel aanhalen