Art. 35 WTBZ, Van de advocaten
Wet tarieven in burgerlijke zaken (WTBZ)
1. De regter, door wien de begrooting geschiedt, is bevoegd de overlegging der justificatoire stukken te vorderen.
2. Hij slaat bij de begrooting acht op de omstandigheid, of de gemaakte kosten en verschotten en de gedeclareerde vacatien, naar den aard der zaak, nuttig, doelmatig of noodig kunnen geacht worden, of door den client zijn verlangd, en wijzigt, roijeert of vermindert de zoodanige, welke daarbij geoordeeld worden overbodig te zijn, of de palen eener billijke gematigdheid te overschrijden, daarbij in aanmerking nemende het gewigt der zaak, en de moeijelijkheid die zij mogt hebben opgeleverd.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Hof 's-Hertogenbosch 1 oktober 2019, ECLI:NL:GHSHE:2019:3589
- Hof 's-Gravenhage 28 augustus 2012, ECLI:NL:GHSGR:2012:BZ5982
- Hof Arnhem 22 juni 2004, ECLI:NL:GHARN:2004:AQ5620
- Rb. Zwolle-Lelystad 22 juni 2011, ECLI:NL:RBZLY:2011:BR2920
- Rb. Utrecht 10 maart 2010, ECLI:NL:RBUTR:2010:BL7119
- Rb. 's-Gravenhage 11 mei 2011, ECLI:NL:RBSGR:2011:BQ6067
- Rb. Leeuwarden 4 augustus 2010, ECLI:NL:RBLEE:2010:BN3663
- Rb. Arnhem 11 juni 2011, ECLI:NL:RBARN:2011:BR1076
- Rb. Arnhem 6 oktober 2010, ECLI:NL:RBARN:2010:BN9755
- Conclusie A-G Wesseling-van Gent 26 januari 2007, ECLI:NL:PHR:2007:AZ6097
- Conclusie A-G Huydecoper 12 oktober 2001, ECLI:NL:PHR:2001:ZC3690
- Hof 's-Gravenhage 27 april 2010, ECLI:NL:GHSGR:2010:BM6014
- Hof Arnhem 4 oktober 2005, ECLI:NL:GHARN:2005:AU4500