Hof Arnhem 22 juni 2004, ECLI:NL:GHARN:2004:AQ5620

De vraag rijst of en in hoeverre de burgerlijke rechter ingevolge de in de artikelen 32-40 van de WTBZ neergelegde bijzondere rechtsgang onbevoegd is om kennis te nemen van de onderhavige vordering tot voldoening van (het onbetaald gebleven gedeelte van) een advocatendeclaratie.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen