Art. 435 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, Algemene regels
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
1. Het staat aan de executant vrij beslag te leggen op alle voor beslag vatbare goederen, waartoe hij bevoegd is zijn vordering te verhalen.
2. Hij is verplicht een beslag dat strekt tot verhaal op een goed dat aan een ander dan de schuldenaar toebehoort, en dat ten laste van die ander wordt gelegd, binnen acht dagen aan de schuldenaar te betekenen.
3. Wordt een beslag van de in het vorige lid bedoelde strekking ten laste van de schuldenaar gelegd, dan is de beslaglegger verplicht het binnen acht dagen aan de ander te betekenen of, zo hij diens recht niet kent, onverwijld nadat hij van dat recht kennis heeft gekregen. Indien de ander, voordat acht dagen na deze betekening zijn verstreken, schriftelijk aan de deurwaarder mededeelt zich tegen het verhaal op zijn goed te verzetten, geldt het beslag jegens hem slechts als conservatoir en kan de executie jegens hem slechts plaatsvinden uit hoofde van een tegen hem verkregen executoriale titel om deze executie te dulden.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Hof Amsterdam 7 mei 2019, ECLI:NL:GHAMS:2019:1566
- Rb. Noord-Holland 7 oktober 2015, ECLI:NL:RBNHO:2015:9406
- HR 16 april 2019, ECLI:NL:HR:2019:593
- HR 7 december 2018, ECLI:NL:HR:2018:2257
- Hof Amsterdam 8 oktober 2013, ECLI:NL:GHAMS:2013:3258
- Rb. Zutphen 16 februari 2011, ECLI:NL:RBZUT:2011:BP6130
- Conclusie A-G Snijders 14 januari 2022, ECLI:NL:PHR:2022:27
- Rb. Amsterdam 14 november 2012, ECLI:NL:RBAMS:2012:BY9076
- Conclusie A-G de Bock 24 januari 2020, ECLI:NL:PHR:2020:55
- HR 11 april 2014, ECLI:NL:HR:2014:896
- Hof Arnhem 18 september 2012, ECLI:NL:GHARN:2012:BX8847
- Hof Amsterdam 16 november 2021, ECLI:NL:GHAMS:2021:3219
- Rb. Den Haag 5 september 2025, ECLI:NL:RBDHA:2025:16440
- Rb. Amsterdam 5 december 2018, ECLI:NL:RBAMS:2018:8653
- Rb. Amsterdam 5 december 2018, ECLI:NL:RBAMS:2018:8618
- Conclusie A-G Snijders 5 april 2024, ECLI:NL:PHR:2024:364
- Conclusie A-G Spronken 5 maart 2019, ECLI:NL:PHR:2019:201
- Conclusie A-G Wesseling-van Gent 21 september 2018, ECLI:NL:PHR:2018:1075
- Conclusie A-G Hammerstein 13 februari 2015, ECLI:NL:PHR:2015:77
- Hof Den Haag 24 februari 2026, ECLI:NL:GHDHA:2026:181