Art. 106 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, De dagvaardingsprocedure in eerste aanleg

Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering

In zaken betreffende de toepassing van de wettelijke bepalingen inzake faillissement, surséance van betaling en schuldsaneringsregeling natuurlijke personen is mede bevoegd de rechtbank waaruit de rechter-commissaris is benoemd of, indien in geval van surséance geen rechter-commissaris is benoemd, de rechtbank die over het verzoek tot het verlenen van surséance heeft geoordeeld.

Uitspraken die dit artikel aanhalen