Art. 46 Verordening (EU) 2024/1620, Bemiddeling tussen FIE’s

Verordening (EU) 2024/1620

1. De autoriteit kan helpen tot een oplossing te komen in geval van een meningsverschil tussen twee of meer FIE’s over individuele gevallen in verband met samenwerking, met inbegrip van de uitwisseling van informatie, uit hoofde van Richtlijn (EU) 2024/1640. Die bemiddeling heeft tot doel uiteenlopende standpunten tussen de FIE’s met elkaar te verzoenen en een niet-bindend advies vast te stellen.

2. Indien een meningsverschil niet kan worden bijgelegd door rechtstreeks contact en dialoog tussen de betrokken FIE’s, start de autoriteit op verzoek van een of meer van die FIE’s een bemiddelingsprocedure. De autoriteit kan ook op eigen initiatief voorstellen een bemiddelingsprocedure te starten. Bemiddeling vindt alleen plaats met instemming van alle betrokken FIE’s.

3. De bemiddelingsprocedure wordt gestart in de algemene raad in FIE-samenstelling. Alle leden van de algemene raad in FIE-samenstelling, met uitzondering van de hoofden van de FIE’s die bij het meningsverschil betrokken zijn, trachten de standpunten van de FIE’s waarop het meningsverschil betrekking heeft met elkaar te verzoenen en bereiken overeenstemming over een niet-bindend advies. Indien relevant kunnen deskundigen van de Commissie worden uitgenodigd om als raadgever aan de bemiddelingsprocedure deel te nemen.

4. De algemene raad in FIE-samenstelling stelt regels voor bemiddelingsprocedures vast, met inbegrip van de toepasselijke termijnen.

5. Indien een FIE die bij een meningsverschil betrokken is, weigert deel te nemen aan de bemiddelingsprocedure, stelt zij de autoriteit en de andere FIE’s die bij het meningsverschil betrokken zijn binnen de termijn die genoemd wordt in de in lid 4 bedoelde procedureregels in kennis van de redenen voor haar besluit.

6. Binnen drie maanden na de vaststelling van het in lid 3 bedoelde niet-bindende advies brengen de FIE’s die bij het meningsverschil betrokken zijn, verslag uit aan de algemene raad in FIE-samenstelling over de maatregelen die zij naar aanleiding van het advies hebben genomen of, indien zij geen maatregelen hebben genomen, over de redenen waarom zij dat niet hebben gedaan.

Vorige artikelen

Volgende artikelen