Art. 40 Verordening (EU) 2024/1358, Toegang tot en rechtzetting respectievelijk verwijdering van in Eurodac opgeslagen gegevens
1. De lidstaat van herkomst heeft toegang tot de gegevens die hij heeft toegezonden en die in Eurodac zijn opgeslagen overeenkomstig deze verordening.
De lidstaten mogen de gegevens die door een andere lidstaat zijn toegezonden niet doorzoeken en mogen evenmin dergelijke gegevens ontvangen, met uitzondering van de gegevens die het resultaat zijn van de in de artikelen 27 en 28 genoemde vergelijking.
2. Elke lidstaat bepaalt welke nationale autoriteiten in overeenstemming met lid 1 van dit artikel toegang hebben tot de in Eurodac opgeslagen gegevens voor de in artikel 1, lid 1, punten a), b), c) en j) vastgelegde doeleinden. Bij de aanwijzing van deze autoriteiten wordt gespecificeerd welke dienst precies bevoegd is voor de uitvoering van de taken in verband met de toepassing van deze verordening. Elke lidstaat zendt de Commissie en eu-LISA onverwijld de lijst van die diensten en eventuele wijzigingen daarvan toe. eu-LISA maakt een geconsolideerde lijst bekend in het Publicatieblad van de Europese Unie. Indien de lijst wordt gewijzigd, maakt eu-LISA een keer per jaar een bijgewerkte geconsolideerde versie ervan online bekend.
3. Alleen de lidstaat van herkomst is bevoegd de gegevens die hij aan het Eurodac heeft toegezonden, te wijzigen door rechtzetting, aanvulling of verwijdering, onverminderd de verwijdering overeenkomstig artikel 29.
4. De naar behoren gemachtigde personeelsleden van de nationale autoriteiten van elke lidstaat en de naar behoren gemachtigde personeelsleden van de organen van de Unie, die bevoegd zijn voor de in de artikelen 20 en 21 van Verordening (EU) 2019/818 vastgelegde doeleinden, wordt toegang verleend om de in het CIR opgeslagen Eurodac-gegevens te raadplegen. Deze toegang is beperkt tot wat nodig is voor de uitvoering van de taken van deze nationale autoriteiten en organen van de Unie en voor de verwezenlijking van die doeleinden, en is evenredig met de nagestreefde doelen.
5. Indien een lidstaat of eu-LISA over aanwijzingen beschikt dat in Eurodac opgeslagen gegevens feitelijk onjuist zijn, stelt hij de lidstaat van herkomst zo spoedig mogelijk hiervan in kennis, onverminderd de kennisgeving van een inbreuk op persoonsgegevens als bedoeld in artikel 33 van Verordening (EU) 2016/679.
Indien een lidstaat aanwijzingen heeft dat bepaalde gegevens in strijd met deze verordening in Eurodac zijn opgeslagen, stelt hij eu-LISA, de Commissie en de lidstaat van herkomst zo spoedig mogelijk daarvan in kennis. De lidstaat van herkomst controleert de betrokken gegevens en zorgt er, voor zover noodzakelijk, voor dat zij onverwijld worden gewijzigd of verwijderd.
6. De in Eurodac opgeslagen gegevens worden door eu-LISA niet doorgegeven of beschikbaar gesteld aan de autoriteiten van derde landen. Dit verbod geldt niet voor de doorgifte van deze gegevens aan derde landen waarop Verordening (EU) 2024/1351 van toepassing is.