Art. 36 Verordening (EU) 2024/1358, Verantwoordelijkheid voor gegevensverwerking
1. De lidstaat van herkomst is verantwoordelijk voor:
a) de rechtmatige verzameling van de in artikel 17, leden 1 en 2, artikel 19, lid 1, artikel 21, lid 1, artikel 22, leden 2 en 3, artikel 23, leden 2 en 3, artikel 24, leden 2 en 3, en artikel 26, lid 2, bedoelde biometrische en andere gegevens en de rechtmatige toezending ervan aan Eurodac;
b) de juistheid en de actualiteit van de gegevens die hij aan Eurodac toezendt;
c) de rechtmatigheid van de opslag, bewaring, rechtzetting en verwijdering van de gegevens in Eurodac, onverminderd de verantwoordelijkheden van eu-LISA;
d) de rechtmatigheid van de verwerking van de door Eurodac toegezonden resultaten van de vergelijking van de biometrische gegevens.
2. De lidstaat van herkomst zorgt voor de beveiliging van de in lid 1 van dit artikel bedoelde gegevens vóór en tijdens de toezending aan Eurodac, zoals bepaald in artikel 48, en voor de beveiliging van de gegevens die hij van Eurodac ontvangt.
3. De lidstaat van herkomst is, overeenkomstig artikel 38, lid 4, verantwoordelijk voor de definitieve identificatie van de gegevens.
4. eu-LISA zorgt ervoor dat Eurodac wordt gebruikt, ook voor testdoeleinden, overeenkomstig deze verordening en de toepasselijke Unievoorschriften inzake gegevensbescherming. Dit houdt met name in dat eu-LISA:
a) maatregelen vaststelt die ervoor zorgen dat alle personen die met Eurodac werken, onder wie contractanten, de daarin opgeslagen gegevens slechts verwerken in overeenstemming met de doeleinden van Eurodac zoals omschreven in artikel 1;
b) de nodige maatregelen neemt om te zorgen voor de beveiliging van Eurodac, overeenkomstig artikel 48;
c) er zorg voor draagt dat enkel personen die gemachtigd zijn om met Eurodac te werken daartoe toegang hebben, onverminderd de bevoegdheden van de Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming.
eu-LISA licht het Europees Parlement, de Raad en de Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming in over de maatregelen die het krachtens de eerste alinea van dit lid neemt.