Art. 36 Verordening (EU) 2024/1252, Samenstelling en werking van de raad kritieke grondstoffen

Verordening (EU) 2024/1252

1. De leden van de raad kritieke grondstoffen zijn vertegenwoordigers van alle lidstaten en de Commissie. De raad kritieke grondstoffen wordt voorgezeten door een vertegenwoordiger van de Commissie (de “voorzitter”).

2. Elke lidstaat wijst een vertegenwoordiger op hoog niveau aan die die lidstaat in de raad kritieke grondstoffen vertegenwoordigt. Indien dat relevant is voor de functie en deskundigheid, kan een lidstaat verschillende vertegenwoordigers aanwijzen voor verschillende taken van de raad kritieke grondstoffen. Elke aangewezen vertegenwoordiger in de raad kritieke grondstoffen heeft een plaatsvervanger. Enkel de lidstaten zijn stemgerechtigd. Elke lidstaat heeft slechts één stem, ongeacht het aantal vertegenwoordigers dat hij heeft.

De voorzitter nodigt vertegenwoordigers van het Europees Parlement uit om als waarnemers deel te nemen aan de vergaderingen van de raad kritieke grondstoffen, met inbegrip van de vergaderingen van de in lid 8 bedoelde permanente of tijdelijke subgroepen.

3. Indien passend kan de voorzitter vertegenwoordigers van het bedrijfsleven, met name kmo’s, het maatschappelijk middenveld, de academische wereld, vakbonden, lokale of regionale overheden, derde landen, LGO’s, alsook van het Europees Defensieagentschap, het Europees Agentschap voor chemische stoffen, het Europees Milieuagentschap en de Europese Dienst voor extern optreden, uitnodigen om de vergaderingen van de raad kritieke grondstoffen of zijn in lid 8 bedoelde permanente of tijdelijke subgroepen als waarnemers bij te wonen of schriftelijke bijdragen te leveren. Waarnemers nemen niet deel aan het formuleren van adviezen van de raad kritieke grondstoffen en de subgroepen ervan.

4. De raad kritieke grondstoffen stelt tijdens zijn eerste vergadering, naar aanleiding van een voorstel van de Commissie, bij gewone meerderheid van zijn leden zijn reglement van orde vast.

5. De raad kritieke grondstoffen komt op gezette tijden bijeen om zijn in deze verordening vastgestelde taken doeltreffend te kunnen uitvoeren. De raad kritieke grondstoffen komt wanneer nodig bijeen naar aanleiding van een met redenen omkleed verzoek van de Commissie dan wel een met redenen omkleed verzoek van een lidstaat waarin een bijzonder belang met betrekking tot een strategisch project op zijn grondgebied wordt aangetoond dat een extra vergadering rechtvaardigt.

De raad kritieke grondstoffen komt ten minste op de volgende tijden bijeen:

a) elke drie maanden voor de beoordeling van de aanvragen voor strategische projecten op grond van hoofdstuk 3, afdeling 2;

b) elke zes maanden om vorm te geven aan de monitoring op grond van hoofdstuk 4;

c) eenmaal per jaar om de voortgang bij de uitvoering van de in hoofdstuk 3, afdeling 5, bedoelde verplichtingen van de lidstaten met betrekking tot exploratie te bespreken, ook met het oog op de bijwerkingen van de lijsten van strategische of kritieke grondstoffen.

6. De Commissie coördineert het werk van de raad kritieke grondstoffen door middel van een uitvoerend secretariaat dat technische en logistieke bijstand verleent.

7. De raad kritieke grondstoffen:

a) bespreekt op gezette tijden de uitvoering van artikel 9 en wisselt beste praktijken uit voor het versnellen van de vergunningsprocedure voor projecten inzake kritieke grondstoffen en voor het verbeteren van de inspraak en raadplegingen bij die projecten;

b) stelt in voorkomend geval richtsnoeren voor aan de Commissie voor de uitvoering van artikel 9, lid 1, waarmee rekening moet worden gehouden door de centrale contactpunten;

c) bespreekt op gezette tijden de uitvoering van de strategische projecten en, indien nodig, de maatregelen die projectontwikkelaars of lidstaten, wanneer het een strategisch project op hun grondgebied betreft, zouden kunnen nemen om de uitvoering van de strategische projecten verder te faciliteren op grond van artikel 15;

d) verstrekt advies aan de Commissie over de beoordeling van de opzet van het systeem voor gezamenlijke aankoop op grond van artikel 25;

e) faciliteert de uitwisseling van beste praktijken tussen de lidstaten met het oog op de verbetering van hun nationale programma’s op grond van artikel 26.

8. De raad kritieke grondstoffen kan permanente of tijdelijke subgroepen oprichten die zich bezighouden met specifieke vragen en taken.

De raad kritieke grondstoffen richt ten minste de volgende permanente subgroepen op:

a) een subgroep om de financiering voor strategische projecten overeenkomstig artikel 16 te bespreken en te coördineren, waarin vertegenwoordigers van nationale stimuleringsbanken en -instellingen, exportkredietinstellingen, de Europese instellingen voor ontwikkelingsfinanciering, de Europese Investeringsbank Groep, andere internationale financiële instellingen, waaronder de Europese Bank voor Wederopbouw en Ontwikkeling, en in voorkomend geval particuliere financiële instellingen, als waarnemers moeten worden uitgenodigd;

b) een subgroep om maatregelen te bespreken en van gedachten te wisselen over maatregelen om de publieke kennis over de toeleveringsketen van kritieke grondstoffen te vergroten en beste praktijken uit te wisselen met betrekking tot inspraak en betrokkenheid van belanghebbenden bij projecten op het gebied van kritieke grondstoffen, waarin vertegenwoordigers van maatschappelijke organisaties regelmatig als waarnemers moeten worden uitgenodigd;

c) een subgroep waarin nationale, of in voorkomend geval, regionale geologische instituten of onderzoeken, of, indien een dergelijk instituut of onderzoek niet bestaat, de relevante nationale autoriteit die verantwoordelijk is voor algemene exploratie, bijeen worden gebracht om bij te dragen aan de coördinatie van de op grond van artikel 19 opgestelde nationale exploratieprogramma’s;

d) een subgroep om maatregelen te bespreken en van gedachten te wisselen over maatregelen ter bevordering van circulariteit, hulpbronnenefficiëntie en vervanging van kritieke grondstoffen;

e) een subgroep waarin nationale voorzienings- en informatieagentschappen die werkzaamheden met betrekking tot kritieke grondstoffen uitvoeren, of, indien een dergelijk agentschap niet bestaat, de relevante ter zake bevoegde nationale autoriteit, bijeen worden gebracht om bij te dragen aan de monitoring en stresstests van de Commissie op grond van artikel 20;

f) een subgroep waarin nationale agentschappen voor noodsituaties en nationale autoriteiten die verantwoordelijk zijn voor strategische voorraden, of, indien een dergelijk agentschap niet bestaat, de relevante ter zake bevoegde nationale autoriteit, bijeen worden gebracht om bij te dragen aan de coördinatie van strategische voorraden zoals vastgesteld in artikel 23.

Bij de uitvoering van zijn taken zorgt de raad kritieke grondstoffen in voorkomend geval voor coördinatie, samenwerking en informatie-uitwisseling met de desbetreffende structuren voor crisisrespons en crisisparaatheid die uit hoofde van het Unierecht zijn opgericht.

9. De raad kritieke grondstoffen treft de nodige maatregelen om te waarborgen dat vertrouwelijke en commercieel gevoelige informatie veilig wordt behandeld en verwerkt overeenkomstig artikel 46.

10. De raad kritieke grondstoffen stelt alles in het werk om zijn besluiten te nemen bij consensus.

Vorige artikelen

Volgende artikelen