Art. 104 Verordening (EU) 2018/1046, Aanvullende betalingstermijnen
Aanvullende betalingstermijnen mag de rekenplichtige, in overleg met de bevoegde ordonnateur, slechts toestaan op schriftelijk, met redenen omkleed verzoek van de debiteur en op voorwaarde dat de debiteur:
a) zich ertoe verbindt, voor de gehele toegekende aanvullende termijn, te rekenen vanaf de in artikel 98, lid 4, eerste alinea, onder b), bedoelde termijn, rente te betalen tegen de in artikel 99 bedoelde rentevoet;
b) ter bescherming van de rechten van de Unie een door de rekenplichtige van de instelling van de Unie aanvaarde financiële garantie stelt die de hoofdsom en de rente van de nog niet geïnde schuld dekt.
De in lid 1, onder b), bedoelde garantie kan worden vervangen door een gezamenlijke en hoofdelijke garantie door een door de rekenplichtige van de instelling van de Unie goedgekeurde derde.
In uitzonderlijke omstandigheden kan de rekenplichtige op verzoek van de debiteur ervan afzien de in lid 1, onder b), bedoelde garantie te vragen wanneer hij oordeelt dat de debiteur bereid en in staat is om de schuld binnen de aanvullende betalingstermijn te voldoen, maar niet in staat is om dergelijke garantie te stellen en in een financieel moeilijke situatie verkeert.