Art. 20 Verordening (EU) 2017/2196, Procedure voor beheer van elektriciteitsstromen

Verordening (EU) 2017/2196

1. De procedure voor het beheer van elektriciteitsstromen in het systeembeschermingsplan bevat een reeks maatregelen om elektriciteitsstromen te beheren buiten de in artikel 25 van Verordening (EU) 2017/1485 vastgestelde operationele veiligheidsgrenzen.

2. Elke TSB kan een instelpunt voor opgewekt werkzaam vermogen invoeren dat elke overeenkomstig punt c) van artikel 11, lid 4, aangewezen SNG handhaaft, mits het instelpunt voldoet aan de technische vereisten van de SNG. Elke TSB kan een instelpunt voor opgewekt werkzaam vermogen invoeren dat elke aanbieder van beschermingsdiensten handhaaft mits deze maatregel overeenkomstig de in artikel 4, lid 4, bedoelde voorwaarden op hen van toepassing is en het instelpunt voldoet aan de technische vereisten van de aanbieders van beschermingsdiensten. De SNG's en de aanbieders van beschermingsdiensten voeren de instructies die de TSB direct of indirect via de DSB's heeft verstrekt, onverwijld uit en blijven in deze toestand totdat nadere instructies worden gegeven. Indien de instructies direct worden verstrekt, stelt de TSO de desbetreffende DSB's daarvan onverwijld in kennis.

3. Elke TSB kan SNG's en aanbieders van beschermingsdiensten, direct of indirect via DSB's, ontkoppelen. De SNG's en de aanbieders van beschermingsdiensten blijven ontkoppeld totdat nadere instructies worden gegeven. Indien SNG's direct worden ontkoppeld, stelt de TSO de desbetreffende DSB's daarvan onverwijld in kennis. Binnen 30 dagen na het incident stelt de TSB een verslag op met een gedetailleerde toelichting over de motivering, de uitvoering en de effecten van deze handeling en legt hij dit in overeenstemming met artikel 37 van Richtlijn 2009/72/EG voor aan de desbetreffende nationale regelgevende instantie.

Verwijst naar

Vorige artikelen

Volgende artikelen