Art. 75 Verordening (EU) 2016/2031, Uitzonderingen voor reizigersbagage

Verordening (EU) 2016/2031

1. Kleine hoeveelheden van bepaalde, andere dan voor opplant bestemde, planten en van plantaardige producten en andere materialen uit een derde land kunnen onder de volgende voorwaarden worden vrijgesteld van het voorschrift van een fytosanitair certificaat in overeenstemming met artikel 72, lid 1, artikel 73 en artikel 74, lid 1:

a) zij worden op het grondgebied van de Unie binnengebracht als onderdeel van de persoonlijke bagage van reizigers;

b) zij zijn niet bestemd voor professioneel of commercieel gebruik;

c) zij zijn in de lijst in een in lid 2 van dit artikel bepaalde uitvoeringshandeling opgenomen.

2. De Commissie stelt door middel van een uitvoeringshandeling een lijst op van de in lid 1 bedoelde planten, plantaardige producten en andere materialen en de betrokken derde landen, en stelt, naargelang het geval, de maximumhoeveelheid vast van de planten, plantaardige producten en andere materialen waarvoor de vrijstelling van dat lid en in voorkomend geval een of meer van de risicobeheersingsmaatregelen overeenkomstig bijlage II, deel 1, gelden.

Die lijst en de desbetreffende maximumhoeveelheid en, waar van toepassing, de risicobeheersingsmaatregelen, worden vastgesteld op basis van het risico op een plaagorganisme bij kleine hoeveelheden planten, plantaardige producten en andere materialen, aan de hand van de criteria van bijlage II, deel 2.

Deze uitvoeringshandelingen worden vastgesteld overeenkomstig de in artikel 107, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure.