Art. 61 Verordening (EU) 2016/2031, Voorschriften voor quarantainestations en gesloten faciliteiten

Verordening (EU) 2016/2031

1. De in artikel 60 bedoelde quarantainestations en gesloten faciliteiten voldoen aan de volgende voorschriften om de verspreiding van EU-quarantaineorganismen te voorkomen:

a) zij bieden voorzieningen voor de fysieke afzondering van de plaagorganismen, planten, plantaardige producten en andere materialen die in quarantaine, of onder omstandigheden die ontsnappen onmogelijk maken, moeten worden gehouden, en waarborgen dat het zonder toestemming van de bevoegde autoriteit niet mogelijk is toegang tot die plaagorganismen, planten, plantaardige producten en andere materialen te verkrijgen of ze uit die stations of faciliteiten te verwijderen;

b) zij beschikken over systemen of hebben toegang tot systemen voor de sterilisatie, ontsmetting of vernietiging van besmette planten, plantaardige producten en andere materialen, afval en uitrusting voordat deze uit de stations of faciliteiten worden verwijderd;

c) zij beschikken over een overzicht en omschrijving van de taken van die stations en faciliteiten, alsmede van de personen die verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van deze taken en de voorwaarden waaronder zij die taken moeten uitvoeren;

d) zij beschikken over voldoende personeel met de juiste kwalificaties, opleiding en ervaring; en

e) zij beschikken over een noodplan om een eventuele onbedoelde aanwezigheid van EU-quarantaineorganismen en plaagorganismen waarop op grond van artikel 30, lid 1, genomen maatregelen van toepassing zijn, doeltreffend te elimineren en de verspreiding ervan te voorkomen.

2. De Commissie kan door middel van een uitvoeringshandeling specifieke regels vaststellen om uniforme toepassingsvoorwaarden te creëren voor de voorschriften genoemd in lid 1, met betrekking tot het soort planten, plantaardige producten en andere materialen en het feitelijk of potentieel risico, onder meer specifieke voorschriften voor officiële tests, wetenschappelijke of onderwijskundige doeleinden, proefnemingen, selectiewerkzaamheden en veredeling.

Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 107, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.