Art. 11 Verordening (EU) 2016/2031, Kennisgeving van EU-quarantaineorganismen door de lidstaten aan de Commissie en de overige lidstaten

Verordening (EU) 2016/2031

Een lidstaat stuurt de Commissie en de overige lidstaten een kennisgeving wanneer zijn bevoegde autoriteit het bestaan van een van de volgende situaties officieel bevestigt:

a) de aanwezigheid op zijn grondgebied van een EU-quarantaineorganisme waarvan de aanwezigheid aldaar niet bekend was;

b) de aanwezigheid van een EU-quarantaineorganisme op een deel van zijn grondgebied waar dat organisme eerder niet aanwezig was;

c) de aanwezigheid op zijn grondgebied van een EU-quarantaineorganisme in een zending planten, plantaardige producten of andere materialen die zijn binnengebracht op, bestemd waren voor het binnenbrengen op, of in het verkeer zijn binnen het grondgebied van de Unie.

De kennisgevingen uit hoofde van de eerste alinea worden verricht door de enige instantie van de betrokken lidstaat, als bedoeld in de wetgeving van de Unie betreffende officiële controles, waarbij gebruik wordt gemaakt van het in artikel 103 bedoelde elektronische kennisgevingssysteem.