Art. 3 Verordening (EU) 2016/631, Toepassingsgebied

Verordening (EU) 2016/631

1. De in deze verordening vervatte aansluitingseisen zijn van toepassing op nieuwe elektriciteitsproductie-eenheden die overeenkomstig artikel 5 als significant worden beschouwd, tenzij anderszins bepaald.

De relevante systeembeheerder weigert de aansluiting van een elektriciteitsproductie-eenheid die niet in overeenstemming is met de in deze verordening vervatte eisen en waarop geen door de regulerende instantie, of een andere autoriteit indien van toepassing in een lidstaat, overeenkomstig artikel 60 verleende afwijking van toepassing is. De relevante systeembeheerder deelt een dergelijke weigering door middel van een met redenen omklede schriftelijke verklaring mede aan de eigenaar van de elektriciteitsproductie-installatie en, tenzij anderszins door de regulerende instantie gespecificeerd, aan de regulerende instantie.

2. Deze verordening is niet van toepassing op:

a) elektriciteitsproductie-eenheden die zijn aangesloten op het transmissiesysteem en op distributiesystemen, of op onderdelen van het transmissiesysteem of van distributiesystemen, van eilanden van lidstaten waarvan de systemen niet op synchrone wijze worden geëxploiteerd met de synchrone zone van Continentaal Europa, Groot-Brittannië, Noord-Europa, Ierland en Noord-Ierland of de Baltische staten;

b) elektriciteitsproductie-eenheden die zijn geïnstalleerd om back-up-vermogen te leveren en die parallel met het systeem in bedrijf zijn gedurende minder dan vijf minuten per kalendermaand terwijl het systeem in normale systeemtoestand verkeert. Parallel bedrijf tijdens onderhoudswerkzaamheden van of opleveringstests voor de desbetreffende elektriciteitsproductie-eenheden wordt niet meegeteld bij die grenswaarde van vijf minuten;

c) elektriciteitsproductie-eenheden die niet over een permanent aansluitpunt beschikken en die door systeembeheerders worden gebruikt om op tijdelijke basis vermogen te leveren wanneer de normale systeemcapaciteit gedeeltelijk of volledig niet beschikbaar is;

d) opslaginstallaties met uitzondering van elektriciteitsproductie-eenheden met pompopslag overeenkomstig artikel 6, lid 2.

Vorige artikelen

Volgende artikelen