Art. 24 Richtlijn (EU) 2016/1629, Ontheffingen voor bepaalde categorieën vaartuigen
1. De lidstaten kunnen, mits een passend veiligheidsniveau wordt gehandhaafd, geheel of gedeeltelijk ontheffing van de toepassing van deze richtlijn verlenen voor:
a) vaartuigen die niet met elkaar in verbinding staande binnenwateren bevaren;
b) vaartuigen met een laadvermogen van niet meer dan 350 ton, of niet voor goederenvervoer bestemde vaartuigen met een waterverplaatsing van minder dan 100 kubieke meter, waarvan de kiel is gelegd vóór 1 januari 1950 en die uitsluitend op hun grondgebied varen.
2. Onverminderd de Herziene Rijnvaartakte kunnen de lidstaten met betrekking tot de scheepvaart op hun grondgebied ontheffingen van deze richtlijn toestaan voor vaartuigen die beperkte trajecten van plaatselijk belang of in havengebieden afleggen. De ontheffingen en de trajecten of de gebieden waarvoor zij gelden, worden op het certificaat van het vaartuig vermeld.
3. De lidstaten stellen de Commissie in kennis van de krachtens de leden 1 en 2 toegestane ontheffingen. De Commissie stelt dienovereenkomstig de andere lidstaten daarvan in kennis.