Art. 13 Uitvoeringsverordening (EU) nr. 908/2014, Betalingsbesluit van de Commissie
Uitvoeringsverordening (EU) nr. 908/2014
1. Op basis van de overeenkomstig artikel 10, lid 1, onder b), van de onderhavige verordening verstrekte gegevens besluit de Commissie op grond van artikel 18, lid 3, van Verordening (EU) nr. 1306/2013 om de maandelijkse betalingen te verrichten, onverminderd eventuele correcties in latere, in de artikelen 51 en 52 van Verordening (EU) nr. 1306/2013 bedoelde besluiten en met inachtneming van overeenkomstig artikel 41 van die verordening vastgestelde verlagingen en schorsingen.
2. Indien de door de lidstaten gedeclareerde uitgaven ten laste van het volgende begrotingsjaar in totaal meer bedragen dan driekwart van het totaal van de overeenkomstige kredieten van het lopende begrotingsjaar, worden de in artikel 170, lid 3, van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 bedoelde vervroegde vastleggingen en de bijbehorende maandelijkse betalingen binnen de grenzen van 75 % van de kredieten van het lopende begrotingsjaar toegekend in verhouding tot de uitgavendeclaraties. De Commissie houdt in de besluiten over de latere vergoedingen rekening met het nog niet aan de lidstaten vergoede saldo.