Art. 6 Verordening (EU) nr. 165/2014, Gegevens tonen en waarschuwen

Verordening (EU) nr. 165/2014

1. Informatie in digitale tachografen en tachograafkaarten betreffende voertuigactiviteiten en betreffende de bestuurder en de bijrijder worden op een duidelijke, ondubbelzinnig en ergonomische wijze getoond.

2. De volgende informatie wordt getoond:

a) tijd;

b) werkwijze;

c) bestuurdersactiviteit:

— indien zijn lopende activiteit rijden is: de bestuurder zijn lopende rijtijdperiode en zijn lopende cumulatieve rusttijd;

— indien zijn lopende activiteit beschikbaarheid/ander werk/rustpauze is: de lopende duur van deze activiteit (sinds deze geselecteerd werd) en de lopende cumulatieve rusttijd;

d) gegevens met betrekking tot waarschuwingssignalen;

e) gegevens met betrekking tot de toegang tot het menu.

Aanvullende informatie kan worden weergegeven, mits deze duidelijk is te onderscheiden van de in dit lid vermelde vereiste informatie.

3. Wanneer de digitale tachografen een voorval en/of fout detecteren, en voorafgaand aan en op het tijdstip van overschrijding van de maximaal toegestane rijtijdperiode, wordt de bestuurder gewaarschuwd zodat hij de toepasselijke wetgeving beter kan naleven.

4. Waarschuwingssignalen zijn visueel en kunnen ook akoestisch zijn. De waarschuwingssignalen moeten ten minste 30 seconden duren, tenzij de bestuurder op het signaal reageert door op een willekeurige toets van de tachograaf te drukken. De reden van de waarschuwing moet worden weergegeven en zichtbaar blijven totdat de gebruiker deze beantwoordt door op een specifieke toets van de tachograaf te drukken of door een opdracht te geven.

5. Om zeker te stellen dat tachografen voldoen aan de vereisten in dit artikel inzake het tonen en het waarschuwen, stelt de Commissie, via uitvoeringshandelingen, gedetailleerde bepalingen voor de eenvormige toepassing van dit artikel vast. De uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 42, lid 3, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.

Vorige artikelen

Volgende artikelen