Art. 1, Onderwerp en beginselen
1. Deze verordening bepaalt de verplichtingen en voorschriften met betrekking tot de constructie, de installatie, het gebruik, het testen en de controle van tachografen die in het wegvervoer worden gebruikt om de naleving van Verordening (EG) nr. 561/2006, Richtlijn 2002/15/EG van het Europees Parlement en de Raad (14) en Richtlijn 92/6/EEG van de Raad (15) te verifiëren.
De constructie, de installatie, het gebruik en het testen van tachografen moeten aan de voorschriften van deze verordening voldoen.
2. Deze verordening bepaalt de voorwaarden en voorschriften waaronder de door de tachograaf geregistreerde, verwerkte of opgeslagen informatie en gegevens, niet zijnde persoonsgegevens, gebruikt mogen worden voor andere doeleinden dan de verificatie van de naleving van de handelingen bedoeld in lid 1.